Kasteel Wissekerke.

Een uniek kasteel in een prachtige omgeving. Open voor het publiek.  

Kasteel Wissekerke
Koningin Astridplein 17 - Bazel
Tel: 03 740 04 00 Dhr. Foubert L.
 

Openingsuren
Van 08.00 tot 17.00 uur
Vrijdag: 08.00 tot 13.00 uur
van april tot oktober ook op zondag van 14.00 tot 17.00
Op sommige zondagen zijn er geleide bezoeken.
 

Bezoeken o.l.v. een gids op volgende data
10/9/2006 Openmonumentendag 10 - 18 uur (info dienst toerisme 03 774 21 95).
24/9/2006
  8/10/2006   22/10/2006     29/10/2006 telkens van 14 - 16 uur (info 03 740 04 00)
 
   
 Kasteel Wissekerke  Bazel  
 
Reeds in de 10de eeuw stond op de plaats van het huidige kasteel een waterburcht, die deel uitmaakte van een versterkingsgordel aan de Schelde. Van de talrijke verbouwingen zijn de kelder uit de 15de eeuw en de toren uit de 16de eeuw de oudste restanten. In 1778 werd het kasteel eigendom van het oude adellijke geslacht Vilain XIIII, dat lange tijd de burgemeesters leverde voor de gemeente Bazel. In de 19de en de 20ste eeuw hadden opnieuw belangrijke verbouwingen plaats en kreeg het interieur zijn huidig cachet. In 1981 werden het kasteel, het imposante poortgebouw, de oude duiventoren en de elegante hangbrug over de parkvijver beschermd als monument. Acht jaar later kocht de gemeente Kruibeke het kasteel, dat vandaag het decor vormt voor culturele activiteiten (concerten, tentoonstellingen), vergaderingen en recepties.
 
       
       
Over het ontstaan...      

Men vermoed dat reeds in 884 te Bazel een eerste versterking of waterburcht gebouwd werd in opdracht van Boudewijn II de Kale. Die zou dan aan de westkant van het huidige kasteel Wissekerke gestaan hebben, op een boogscheut van de vernoemde Barbierbeek. Die locatie ligt 6 meter lager dan het vlakbij gelegen dorpscentrum, in de kreekachtige uitloper die het waterloopje de Vaart heeft uitgesleten in de hellende oever van de winterbedding van de Schelde. Als dat juist is, dan werd Barsele de naam van die burcht. De van oorsprong Frankische uitgang "Sele" komt al sinds de 7e eeuw voor in de streek. Volgens sommige auteurs zou dan ook al in de 7e eeuw op deze plaats een Barsele gestaan kunnen hebben, en haar naam doorgegeven aan de nieuwe versterking. De naam Barsele hóeft dus niet te betekenen dat de waterburcht van Boudewijn II slechts een grote zaal was. Zoals gebruikelijk gaf de burcht ook haar naam aan de ridders aan wie ze werd toevertrouwd, en die er de heerlijkheid uitoefenden. We vinden hun naam terug vanaf 1156. Eveneens kan uit omstandigheden afgeleid worden dat er reeds voor 964, vlakbij de burcht, een gebedsplaats was in Bazel, die mogelijk tussen 900 en 950 de status van parochiekerk kreeg.
 

 
 
De jaren 1400...      

In de jaren 1400 vinden we terug meer gegevens over Bazel en het kasteel van Wissekerke. In 1437 verkocht ene Jacob Uten Hamme het kasteel en de heerlijkheid aan Robert van Rotselaer. In 1468 wordt Kateline van Rotselaer nog vermeld als eigenares van het goed, ondanks de woelige gebeurtenissen enkele jaren eerder. In 1452 vochten de Waaslanders immers, samen met de stad Gent, in de slag om Bazel tegen het leger van Filips de Goede, als protest tegen de belastingen; de slag vond plaats op de Bazelse Hanewijkkouter. De manschappen van Filips wonnen de ongelijke strijd, maar zij verloren Filips' geliefde bastaardzoon Cornelis. Als wraak liet Filips zijn mannen plunderen en brandschatten. In de geschriften over de slag wordt ook reeds het gebouw de Eenhoorn vermeld, dan toen zetel was van de vierschaar en vergaderplaats voor het hoofdcollege van schepenen van het land van Waas. Het gebouw waar nu taverne De Eenhoorn huist, is pas later, in 1590 gebouwd op dezelfde plaats. De eenhoorn siert overigens nog steeds het wapen en de vlag van de fusiegemeente Kruibeke, en het wapen van de deelgemeente Kruibeke.
 

 
De jaren 1500 - 1800...      

Het kasteel van Wissekerke werd in 1510 voor de laatste keer verkocht (tot de gemeente Kruibeke het kocht in 1989) aan Lieven van Pottelsberghe, vooraanstaand Gents burger en raadsheer van Keizer Karel: Lieven was boventallig raadsheer bij de Raad van Vlaanderen in 1509, gewoon raadsheer in 1514, en in 1517 raadsheer in de Geheime Raad, en verder hoofdschepen van het Land van Waas, hoogbaljuw van het Land van Dendermonde, verantwoordelijke voor de bewaking van het Gravensteen én van de leeuwen van het leeuwenhok in Gent. Een machtig man dus. Livina van Steelandt, de laatste loot in de afstamming van de familie Alijn, die het Alijns-godshuis in Gent stichtten (thans museum Het Huis van Alijn), was de vrouw van Lieven van Pottelberghe. De van Steelandts hadden trouwens, naast Lieven van Pottelsberghe, nog 7 andere familieleden of aangetrouwden in de Raad van Vlaanderen zitten. Lieven van Pottelsberghe liet in 1520 het kasteel van Wissekerke grondig verbouwen, of zelfs herbouwen, voor hun zoon Frans. Toen die na de dood van Lieven van Pottelsberghe (2 juli 1539) kinderloos stierf in 1544, ging het kasteel van Wissekerke niet naar diens weduwe Jacoba de Bonnières, maar naar Livina. Die liet het aan haar broer Servaes van Steelandt, hoogbaljuw van Waas.

Dat moet voor 1562 zijn, want niet alleen sterft Livina van Steelandt op 3 april van dat jaar, in 1562 wordt ook de linkervleugel van het kasteel van Wissekerke vernietigd door de troepen van Marnix van St Aldegonde, in het kader van de voorbereidingen tot de Nederlandse opstand. Ironisch, want Marnix keerde juist terug van het Zwítserse Bazel, waar hij bij Johannes Calvijn theologie had gestudeerd. Na de dood van Servaes van Steelandt kwam het goed voor een korte periode aan zijn zoon Willem, en in 1564 aan zijn kleinzoon Servaes van Steelandt (II), die een grote rol speelde in de Nederlandse opstand.

In januari 1583 was een aanval van Willem van Oranje op Antwerpen afgeslagen. Alexander Farnese rukte eind augustus op tot Eeklo. Het was daar, begin september 1583, dat de hoogbaljuw van het Land van Waas, Servaes van Steelandt II, heer van Wissekerke te Bazel, Alexander Farnese ging opzoeken om te onderhandelen over de overgave van het Land van Waas. Op 29 oktober ontving hij de troepen van Farnese in zijn kasteel, en de volgende dag, 30 oktober 1583 droeg hij het Land van Waas, met al de versterkingen die er zich toen bevonden, over aan de Spaanse veldheer. Aangezien daarmee ook geheel het Oostelijk deel van Zeeuws-Vlaanderen weer in de macht van Spanje kwam, werd Servaes van Steelandt door de Zeeuwen aanzien als een verrader. Dezelfde dag nog beschoten die het kasteel van Wissekerke, waarbij de oostelijke vleugel afbrandde. Het moet echter gezegd dat van Steelandt niet op eigen initiatief had gehandeld. Hij was immers in het bezit van een volmacht, ondertekend door de Bazelse schepen Remakel Verstraeten: gezien de overmacht en de militaire successen van Farnese, had het schepencollege van het Waasland, zetelend te Bazel, daartoe besloten. Feit is dat van Steelandt 3 jaar later door Farnese beloond werd met het gezag over de troepen in het Waasland.

In 1590 laat Servaes de schade aan het kasteel van Wissekerke herstellen. Hij stierf in 1607, en via zijn dochter Margaretha kwam de heerlijkheid van Bazel aan haar man Filip de Recourt de Lens et de Licques. Alhoewel die familienaam verwijst naar 3 dorpjes in Noord-Frankrijk, was die familie goed ingeburgerd in de streek. Zo is het wapen van de oude Zeeuwse gemeente Zwake (via 's Gravenpolder nu deel van Borsele, dat van deze familie, en de Bazelse Recourts werden ook graaf van Rupelmonde. De familietak stierf echter 5 generaties later uit, met Ivo Maria Joseph de Licques, in 1745. Erfopvolgers waren Désiré Antoon de la Kethulle, en vanaf 1779 de familie Vilain XIIII, een Gentse familie die later ook een belangrijke rol zou spelen bij het ontstaan van de Belgische staat.

Bron: Wikipedia

 
Courtesy of wikipedia - All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License